Doe mee en huiver: een supersnelle taaltest

Ik ben verliefd. Verliefd op taal. En gelukkig maar: de gemiddelde hbo-student maakt 81 taalfouten op een A4’tje, dus de taalvaardigheid van ‘mijn’ communicatiestudenten kan nog wel wat TLC gebruiken…

Typewriter-Susannah

Deze maand staat er weer een nieuwe lichting eerstejaars te trappelen voor de deuren van Hogeschool Leiden om de wondere wereld van de communicatieprofessional te betreden. Tijdens de kick-off van 27 augustus checkten we snel hoe het ervoor stond met hun spellingskennis. Slechts één student maakte maar één fout: de rest beduidend meer. Weten hoe jij het ervan afbrengt? Grijp dan nu je kans: tien taalvragen met tien antwoorden in tien minuten.  Drie-twee-een en GO!

image

Kick-off opleiding Communicatie Hogeschool Leiden 27 augustus 2014

 

1. Wat is juist? Noteer A, B, C of D

A.hbo student

B.hbo-student

C.HBO student

D.HBO-student

 

2. Wat is juist? Noteer A, B, C of D

A.HAVO’er

B.HAVO-er

C.havo’er

D.havoër

 

3. Wat is juist? Noteer A, B, C of D

A.communicatie professional

B.communicatie proffesional

C.communicatieprofessional

D.communicatieproffesional

 

4. Wat is juist? Noteer A, B, C of D

A.Ik ga ervanuit dat…

B.Ik ga ervan uit dat…

C.Ik ga er vanuit dat…

D.Ik ga er van uit dat…

 

5. Wat is juist? Noteer A, B, C of D

A.Ik heb hem gewhatsappt.

B.Ik heb hem ge-whatsappd.

C.Ik heb hem gewhatsapp’t.

D.Ik heb hem gewhatsapped.

 

6. Wat is juist? Noteer A, B, C of D

A.social media beleid

B.social media-beleid

C.social mediabeleid

D.socialmediabeleid

 

7. Wat is juist? Noteer A, B, C of D

A.De minister wil het nieuwe beleid per direkt invoeren.

B.De minister wilt het nieuwe beleid per direkt invoeren.

C.De minister wil het nieuwe beleid per direct invoeren.

D.De minister wilt het nieuwe beleid per direct invoeren.

 

8. Wat is juist? Noteer A of B

A.Zo’n 80% van de bedrijven heeft de jaarcijfers bekendgemaakt.

B.Zo’n 80% van de bedrijven hebben de jaarcijfers bekendgemaakt.

 

9. Hoeveel spelfouten bevat deze zin? Noteer A, B, C of D

De OV chipkaart word snel verbetert, zegt een Woordvoerder van NS: Woensdag werd de bediening van de kaart automaten al vereenvoudigt om extra produkten sneller te kunnen laden.

A.3

B.5

C.7

D.9

 

10. Hoeveel huisgenoten heb ik? Noteer A, B of C

Mijn huisgenoot die te veel gedronken heeft, ligt nog op bed.

A.1

B.Meer dan 1

C.Dat kun je niet weten

 

En? Viel het mee of viel het tegen? Check snel hoe goed jij het zou doen als eerstejaars…


1. Wat is juist? Noteer A, B, C of D

A.hbo student

B.hbo-student

C.HBO student

D.HBO-student

Hoezo dan?

‘hbo’ krijgt kleine letters, omdat het gaat om een opleidingssoort (net als bijvoorbeeld mbo, lts, havo). De hele combinatie ‘hbo-student’ noemen we Wanneer de opleiding een deel van een samenstelling is, dan schrijf je een streepje (koppelteken) tussen de afkorting en de rest. Kijk voor een uitgebreidere uitleg over samenstellingen onder vraag 3.

Heb je moeite met je taalverzorging? Download dan de gratis app van Onze Taal. Hun of hen, dan of als, d of t, er( )van( )uit, zijn/haar, (punt)komma’s, balen als een stekker: de experts van het Genootschap Onze Taal adviseren elke dag over correct taalgebruik en weten alles van spelling, grammatica, leestekens en de herkomst van woorden en uitdrukkingen. De taaladviezen van www.onzetaal.nl zijn nu te bekijken via een gratis app voor smartphones en tablets met iOS (iPhone en iPad) en Android als besturingssysteem. Ga naar http://www.onzetaal.nl/app en grijp je kans!

2. Wat is juist? Noteer A, B, C of D

A.HAVO’er

B.HAVO-er

C.havo’er

D.havoër

Ja daaaaaag. Dat ziet er niet uit.

 Helaas, toch is dit de juiste spelling… Je vindt een goede en betrouwbare uitleg op http://taaladvies.net/taal/advies/vraag/1300/ . (bonustip: sla deze site direct op in je favorieten)

3. Wat is juist? Noteer A, B, C of D

A.communicatie professional

B.communicatie proffesional

C.communicatieprofessional

D.communicatieproffesional

 

Aan elkaar dus. Hoezo dat dan?

In het Nederlands spellen we samenstellingen standaard aan elkaar. Videoband, telefoonwinkel, computerspelletje, belastingaangifte, cultuurlandschap, communicatiemedewerker, vakantie-appartement, boomhutovernachting, stratenregister, fietskaarten, natuurbeschermer, hypotheekrente. Allemaal zijn het samenstellingen.

Een woord is een samenstelling wanneer het eerste deel iets zegt over het tweede deel (wat voor band? Een haarband? Autoband? Fietsband? Nee, een videoband) en wanneer beide delen een zelfstandig naamwoord zijn (dan kun je er een lidwoord – ‘de’, ‘het’, ‘een’ – voorzetten: ‘de video’ + ‘de band’ / ‘de belasting’ + ‘de aangifte’ / ‘de straten’ + ‘het register’). Om het woord makkelijker leesbaar te maken, of om te voorkomen dat twee klinkers (a, e, i, o, u) op elkaar botsen kun je een koppelteken toevoegen (zoals in ‘vakantie-appartement’).

En waarom is ‘professional’ dan met 1 f en 2 s’en?

Veel woorden in het Nederlands zijn ‘weetwoorden’ of ‘opzoekwoorden’. Dat is de vriendelijke formulering voor ‘leer uit je hoofd’ of ‘zoek op hoe je het moet spellen’. Veel lezen helpt hierbij enorm: daarbij maakt je brein steeds een soort foto’s van de goede spelling van woorden, zonder dat je dat doorhebt. Hoe meer goede foto’s je in je hoofd hebt, hoe minder je hoeft op te zoeken. Als je wilt checken hoe je een woord spelt, kun je gebruikmaken van www.woordenlijst.org (de gratis onlineversie van het Groene Boekje). Ook ‘professional’ vind je hierin terug. http://woordenlijst.org/zoek/?q=professional&w=w

Staat het woord dat je zoekt niet de woordenlijst? Probeer dan in Google de combinatie van het woord met ‘spelling’ (dus bijvoorbeeld ‘eerstejaars student spelling’) of ‘taaladvies’ en kies dan voor de betrouwbare bronnen (kijk onder ‘Meer taaladvies’).

4. Wat is juist? Noteer A, B, C of D

A.Ik ga ervanuit dat…

B.Ik ga ervan uit dat…

C.Ik ga er vanuit dat…

D.Ik ga er van uit dat…

Stik, dat is toch niet logisch?

Misschien eerst niet, voor je gevoel. Maar als je eenmaal weet hoe het in elkaar zit, snap je de logica erachter. In zinnen zoals deze kijk ik zelf altijd eerst wat het grondwoord is, het hele werkwoord. Dat is in dit geval ‘uitgaan van’ (kun je snel controleren via www.woordenlijst.org, ook een fijne en betrouwbare site om op te slaan). ‘Uitgaan’ is dus 1 woord, de delen ‘uit’ en ‘gaan’ horen bij elkaar. Ze zijn als het ware getrouwd en zitten ’s avonds samen op de bank.

Als de woorden nu los van elkaar op stap gaan, zoals in de zin ‘Ik ga ervan uit’, dan blijven ze elkaar trouw: ze gaan dus niet aan andere woorden vastplakken. De woordjes ‘er’ en ‘van’ in deze zin zijn single, dus als die in een zin op stap gaan, gaan ze elkaar opzoeken (en aan elkaar vastplakken, zoals veel singles in de kroeg).  Zo krijg je dus ‘Ik ga (los, want is al getrouwd) ervan (aan elkaar, want 2 singles) uit (los, want is al getrouwd).

Een fijn overzicht van een aantal vaak voorkomende combinaties vind je op http://onzetaal.nl/taaladvies/advies/ervanuitgaan

5. Wat is juist? Noteer A, B, C of D

A.Ik heb hem gewhatsappt.

B.Ik heb hem ge-whatsappd.

C.Ik heb hem gewhatsapp’t.

D.Ik heb hem gewhatsapped.

Hee, dan gaat eigenlijk net zoals een Nederlands werkwoord. Toch? Voltooid deelwoord krijgt stam + t, omdat de laatste letter van de stam in ’t ex-kofschip zit.

Helemaal goed! Engelse werkwoorden passen zich aan aan het Nederlands als je ze vervoegt. Geen extra, lastige, of ongewikkelde spellingsregels dus. Jieeeeehaaaa! Denk er wel aan dat je naast ’t ex-kofschip te maken krijgt met de extra Engelse sis-klanken (sj /tsj, zoals je bijvoorbeeld hoort aan het eind van de woorden push en stretch).

Een superhandige lijst van Engelse werkwoorden met hun Nederlandse vervoeging vind je op http://onzetaal.nl/taaladvies/advies/engelse-werkwoorden#A .

Eindeloos oefenen met (Engelse) werkwoordspelling? Ga dan naar http://www.jufmelis.nl/werkwoordspelling .

6. Wat is juist? Noteer A, B, C of D

A.social media beleid

B.social media-beleid

C.social mediabeleid

D.socialmediabeleid


Deze weet ik nu ook! Dat is dezelfde regel als bij 3 ! Toch?

Kijk, dat is de ware communicatieprofessional.

 

7. Wat is juist? Noteer A, B, C of D

A.De minister wil het nieuwe beleid per direkt invoeren.

B.De minister wilt het nieuwe beleid per direkt invoeren.

C.De minister wil het nieuwe beleid per direct invoeren.

D.De minister wilt het nieuwe beleid per direct invoeren.

Volgens mij staat hier het verkeerde goede antwoord. Bij werkwoorden in de tegenwoordige tijd is het stam + t, dus wilT.

Eh… Hoe breng ik dit vriendelijk? Nee. Dat is helaas echt niet goed. Die regel gaat op voor zwakke werkwoorden (die werkwoorden die zich in het Nederlands braaf aan de regels houden). ‘Willen’ is een sterk werkwoord (eentje dat zijn eigen wil heeft en zich niet aan de regels houdt). Bij ‘willen’ is de hij-vorm (derde persoon enkelvoud) dezelfde als die voor de ik-vorm (de eerste persoon enkelvoud). ‘Hij wil’ dus, net als ‘ik wil’.

En hoe zit het dan met ‘direct’?

Dat is weer een weetwoord of een opzoekwoord. Je kunt de juiste spelling vinden in de woordenlijst http://woordenlijst.org/zoek/?q=direct&w=w Oefenen met weetwoorden/opzoekwoorden (en met alle andere soorten spelling)? Meld je dan aan voor www.beterspellen.nl en maak dagelijks gratis een korte taaltest: “De website is voor iedereen die problemen heeft bij het dagelijkse spellen.  De meest gemaakte fouten komen aan de orde. De regeltjes zijn vaak best simpel, als je ze eenmaal weet. Daar wil Beterspellen.nl graag bij helpen.”

 

8. Wat is juist? Noteer A of B

A.Zo’n 80% van de bedrijven heeft de jaarcijfers bekendgemaakt.

B.Zo’n 80% van de bedrijven hebben de jaarcijfers bekendgemaakt.

Heeft? Maar ‘bedrijven’ is toch meervoud?

‘Bedrijven’ is inderdaad een meervoud. Alleen is ‘bedrijven’ hier niet de kern van de woordgroep die het onderwerp vormt. Het onderwerp bestaat in deze zin uit ‘Zo’n 80% van de bedrijven’. De kern van deze woordgroep is ‘zo’n 80%’. Als je dat eenmaal ziet, dan hoor je ook dat je een enkelvoud nodig hebt: ‘Zo’n 80% danst, loopt, springt, fietst dagelijks naar huis.’ Geen ‘hebben’ dus, maar ‘heeft’.

9. Hoeveel spelfouten bevat deze zin? Noteer A, B, C of D

De OV chipkaart word snel verbetert, zegt een Woordvoerder van NS: Woensdag werd de bediening van de kaart automaten al vereenvoudigt om extra produkten sneller te kunnen laden.

A.3

B.5

C.7

D.9

Wát? Negen fouten in één zin?

Tja… Erger is: waarom heb je ze niet alle negen gezien? Op een rijtje:

De OV chipkaart –> ov-chipkaart (2 fouten)

De afkorting ‘ov’ spel je met kleine letters: je kunt dat snel en makkelijk checken in de woordenlijst. Het geheel ‘ov-chipkaart’ is een samenstelling (net als bij vraag 3), maar dan een samenstelling met een afkorting (het stukje ‘ov’). Samenstellingen worden in het Nederlands zo veel mogelijk aaneengeschreven. In sommige gevallen heb je echter een streepje nodig, bijvoorbeeld bij id-kaart. Als een van de delen van een samenstelling een afkorting is (zoals id en ov), dan koppel je die afkorting met een streepje (koppelteken) aan het andere deel van de samenstelling.

word snel verbetert, –> wordt snel verbeterd (2 fouten)

Moeite met werkwoordspelling? Oefen op http://www.jufmelis.nl/werkwoordspelling/ of op http://cambiumned.nl/oefeningenwerkwoordspelling.htm

zegt een Woordvoerder van NS: –> woordvoerder (1 fout)

Woordvoerder is een functienaam: die krijgen geen hoofdletter. Kijk voor meer toelichting op http://taaladvies.net/taal/advies/vraag/1265/hoofdletters_kleine_letters_in_functieaanduidingen/

Woensdag werd de bediening van de kaart automaten –> woensdag … kaartautomaten (2 fouten)

Na een dubbele punt komt geen hoofdletter, tenzij daar een naam komt (‘Janneke’), of een citaat (‘Hij zei: “Nu ben ik het zat, dat gedoe over spelling.”’), of een opsomming van volledige zinnen. ‘Woensdag’ krijgt hier dus een kleine letter.

En ‘kaartautomaten’ wist je al: dat is een samenstelling (kijk onder vraag 3) en die schrijf je aan elkaar.

al vereenvoudigt –> vereenvoudigd (1 fout)

om extra produkten sneller te kunnen laden. –> producten

Dit is een weetwoord/opzoekwoord dat je kunt checken in de woordenlijst

 

10. Hoeveel huisgenoten heb ik? Noteer A, B of C

Mijn huisgenoot die te veel gedronken heeft, ligt nog op bed.
A.1

B.Meer dan 1

C.Dat kun je niet weten

Maar er staat toch nergens hoeveel huisgenoten je hebt? Dus dat kun je toch niet weten?

Lees de zin eens hardop voor jezelf voor.

Nu lees je dezelfde zin nog een keer hardop, maar dan met een komma (en dus een korte pauze) na ‘huisgenoot’. Dat wordt dus:

Mijn huisgenoot, die te veel gedronken heeft, ligt nog op bed.

Hoor je dat er verschil in betekenis ontstaat? Of je wel of niet een komma plaatst, verandert de betekenis van de zin. Staat er een komma na huisgenoot, dan drukt de zin uit dat je huisgenoot (je enige huisgenoot), die toevallig te veel gedronken heeft, nog in bed ligt. Staat er geen komma na huisgenoot, dan drukt de zin uit dat je huisgenoot (een van je huisgenoten) nog in bed ligt en dat het daarbij specifiek gaat om de huisgenoot die te veel gedronken heeft. De zin ZONDER komma noem je een beperkende bijvoeglijke bijzin. De zin MET komma noem je een uitbreidende bijvoeglijke bijzin.

Meer taaldvies?

Goede, betrouwbare bronnen en sites zijn:

–       www.woordenlijst.org

–       www.jufmelis.nl

–       http://apps.nrc.nl/stijlboek/

–       www.onzetaal.nl

–       www.taaladvies.net

–       www.beterspellen.nl

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *